Huisnummer barst in kralen uit

Een zelfgemaakt huisnummer bestaat uit een verzameling kraaltjes en is daarna op het glas van de voordeur geplakt. Het heeft een hoog creatief met kurk-gehalte, maar je hebt daarmee wel een uniek vormgegeven kleurig nummer.

Van enige afstand deed het eerst even aan mini-steck denken, maar dit zijn zogenaamde strijkkralen, die je met behulp van strijkpapier (een soort bakpapier, van siliconen voorzien) aan elkaar strijkt. Vandaar de vervormingen van de kralen.

Strijk niet langer dan nodig is! Wanneer je de strijkkralen te lang laat smelten kun je de puntjes van de grondplaat ook mee laten smelten.

Voor het op de deur plakken is een flinke plas lijm gebruikt, waarvan de resten te zien zijn in de binnenkant van de drie. Vanwege de reflectie in het glas van de deur krijg je de fotograaf er op de achtergrond gratis bij.

Modderschuit kroonjuweel

Een bijzonder vervallen pand: hier lijkt al decennia lang niemand meer naar te hebben omgekeken. Achter de ramen ligt de rommel hoog opgetast, er zitten grote gaten in het houtwerk. Kortom, een bouwval. Maar het huisnummerbordje 34 is er alleen maar mooier op geworden. Deze twee emaille plaatjes hebben een welhaast statige uitstraling. De cijfers hebben wat weg van het lettertype Gill, maar zijn langgerekter.

Recentelijk een huisnummerbordje laten maken in emaille: niet bepaald goedkoop (50 euro voor een bordje van 7 cm breed) en zelfs bij Alfons de Letter (Singel, Amsterdam) was het aantal mooie schreeflozen vrij beperkt. Emaille bordjes zijn erg kwetsbaar bij de openingen voor de schroeven is gebleken, en aan de randen. Daar wordt het emaille dunner en de spanning op het materiaal groter, waardoor het er makkelijk af springt.

Dubbele dubbele cijfers

Stel, je komt te wonen in een mooi oud huis in een fijne stad. Het huis heeft huisnummer 22 en een eerdere eigenaar of bewoner, misschien wel de eerste, heeft een geoefend handbeletteraar twee tweeën als zwanen op het zandsteen laten schilderen, voorwaar geen eenvoudige opgave gezien het gestructureerde oppervlak. Misschien wat veel ruimte ertussen, maar dat vinden we nu. Dan heb je twee mogelijkheden lijkt me. A: je vindt het mooi, niets meer aan doen, of B: je vindt het lelijk en plaatst je eigen bordje over de geschilderde cijfers. Maar om dat bordje pesterig nét een klein beetje over de onderkant van de schildering te plaatsen, daar hou je toch een dubbel gevoel aan over.

Diapositief

Twee kleine panden zijn hier samengevoegd, maar hebben hun oorspronkelijke huisnummers behouden. De bewoners wonen nu dus op 13-15. De apart vormgegeven huisnummerbordjes waren te sterk verweerd om nog buiten aan de gevel te laten zitten en staan nu achter een raam naast de voordeur.

De ’13’ is in diapositief uitgevoerd, wit op zwart, dat zie je niet vaak. Bijzonder vormgegeven cijfers ook. Toch kun je zien aan de structuur en de roestvorming in het wit dat het niet naderhand is geschilderd, zoals eerst werd gedacht (of het moet wel erg professioneel zijn gedaan). Wat dan weer de vraag oproept waarom specifiek dit bordje zo was uitgevoerd – misschien omdat het 13 betrof? Er zijn nog een paar oude bordjes van dit type in de straat te vinden, maar geen enkele andere is wit op zwart.

Huisnummer

Als je op nummer 69 woont heb je een getal te pakken waar je, vanuit vormgevingsoogpunt althans, wel iets mee kunt. Deze sierlijke doch ietwat corrosieve cijfers zijn op de deur van een Amsterdamse grachtenpand te vinden (ze zijn zelfs in tweevoud uitgevoerd) en vormen een soort cijfermonogram. Aardig detail: er zit een kijkraampje achter, waardoor bezoekers van binnenuit kunnen worden geobserveerd.