Huisnummer barst in kralen uit

Een zelfgemaakt huisnummer bestaat uit een verzameling kraaltjes en is daarna op het glas van de voordeur geplakt. Het heeft een hoog creatief met kurk-gehalte, maar je hebt daarmee wel een uniek vormgegeven kleurig nummer.

Van enige afstand deed het eerst even aan mini-steck denken, maar dit zijn zogenaamde strijkkralen, die je met behulp van strijkpapier (een soort bakpapier, van siliconen voorzien) aan elkaar strijkt. Vandaar de vervormingen van de kralen.

Strijk niet langer dan nodig is! Wanneer je de strijkkralen te lang laat smelten kun je de puntjes van de grondplaat ook mee laten smelten.

Voor het op de deur plakken is een flinke plas lijm gebruikt, waarvan de resten te zien zijn in de binnenkant van de drie. Vanwege de reflectie in het glas van de deur krijg je de fotograaf er op de achtergrond gratis bij.

Handgezaagde cijfers en verticale belettering

Op 2 mei 1968 werd de eerste waterwinfabriek in Andijk door prins Claus geopend. Bij de poort op de Dijkweg staat een flink bord met het jaartal in uitgezaagde cijfers. Zou dat hier al in 1968 zijn geplaatst? Het wordt na een zoektocht in de krantenarchieven niet duidelijk, de foto’s van die dag tonen Claus in een bootje. De letters zijn wel duidelijk met de hand gezaagd, dat zou nu waarschijnlijk met een (digitale) frees worden gedaan. Voor de zekerheid heeft de 1 een extra brede voet gekregen. Hierdoor is er wat teveel ruimte ontstaan tussen de 1 en de 9. Een ruw stuk hout houdt het geheel overeind, met een extra schroef door de 9 en de 6.

(Het water uit het IJsselmeer wordt in Andijk voorbehandeld en dan met een pijpleiding naar Castricum gepompt, waar het in de duinen wordt geïnfiltreerd en vervolgens door een fabriek in Heemskerk wordt nagezuiverd. Hiermee wordt heel Noord-Holland van water voorzien, met uitzondering van Amsterdam. Alle huizen in het dorpje Andijk werden overigens in 1916 nog verplaatst nadat de dijk bijna was doorgebroken na een storm.)

Verticale onleesbaarheid

Deze ingang had voorheen twee palen, met daarop de tekst ‘Melden Dijkweg 1’. Het duurde wel even voor je deze tekst had ontcijferd. Je zou ook ‘Meiden’ kunnen lezen, alsof het kapitalen waren (was wel leuker geweest). Verticaal lezen is bijzonder lastig, omdat je geen woordbeeld kunt vormen, je ziet alleen losse letters. Alleen met een afkorting zoals S.O.S. lukt het nog wel.

Verticale belettering
Verticale belettering

Dubbele dubbele cijfers

Stel, je komt te wonen in een mooi oud huis in een fijne stad. Het huis heeft huisnummer 22 en een eerdere eigenaar of bewoner, misschien wel de eerste, heeft een geoefend handbeletteraar twee tweeën als zwanen op het zandsteen laten schilderen, voorwaar geen eenvoudige opgave gezien het gestructureerde oppervlak. Misschien wat veel ruimte ertussen, maar dat vinden we nu. Dan heb je twee mogelijkheden lijkt me. A: je vindt het mooi, niets meer aan doen, of B: je vindt het lelijk en plaatst je eigen bordje over de geschilderde cijfers. Maar om dat bordje pesterig nét een klein beetje over de onderkant van de schildering te plaatsen, daar hou je toch een dubbel gevoel aan over.

Vijf

Naast bordjes met teksten fotografeert De Balk ook met enige regelmaat getallen onderweg. Meestal vanwege de vormgeving, maar soms ook vanwege de plek. Huisnummers, jaartallen, paaltjes met afstanden, dat soort dingen.

Niet al te diepgaand onderzoek toont aan dat de 5 hierbij is oververtegenwoordigd. Zoals de handgemaakte 55 in Portugal of het huisnummer 5 van de familie Fish boven een deur in Engeland. Wat is er zo aantrekkelijk aan de 5? Is dat wellicht de combinatie van een hoekige en een ronde vorm? En de vele mogelijkheden die dat biedt, van dikbuikige varianten tot langnek-achtigen? De 5 is de g onder de cijfers.

Familie Fish op nummer 5
Huize Fish

En een zelfgemaakt huisnummer in een mozaïek straattegel:

Tegelmozaïck met een 5
Tegelmozaïek

Middelen

Of het nu middels een sjabloon gemaakt is of met de hand, verzorgd ziet de bewegwijzing in fort Nigtevecht er zeker uit. Natuurlijk heeft elke ruimte een nummer, dat communiceert veel gemakkelijker.

Ruimtes coderen is van alle tijden. In de boekhandel werd vroeger de benaming ‘2A’ gebruikt voor een toiletbezoek, zodat het voor de klanten niet duidelijk was. Het toilet was op de tweede verdieping, achter. Door sommige personeelsleden ook wel misbruikt om even te gaan roken, een krantje te kopen bij de buren of een gulden in de fruitautomaat te gooien.

Bliksem

Palen voorzien van lelijke stickers met schreefloze cijfers zijn er genoeg. Alle nieuwe lantarenpalen hebben ze. Het kan anders. Dat bewijst deze elektriciteitspaal op NS-station Santpoort Noord, nog niet zolang geleden overgeschilderd. In veel opzichten een treurig station, maar dit maakt alles weer goed: forse handgeschilderde sjabloon-cijfers met een mooie bliksem erboven. Vooral de ‘5’ heeft zo’n aardige liggende komma als dakje én staart, toch?

Rood

Op Amsterdam CS hebben de palen alleen een nummer, en de bliksem is er rood in plaats van geel. Dankzij de klinknagels in de palen van de overkapping heeft de bliksem hier een wat vreemde vorm en gaat vrij recht naar beneden, helemaal aan de rechterkant van de paal.

Paal 121 op perron 10/11 van Amsterdam Centraal
Paal 121 op perron 10/11 van Amsterdam Centraal